Contact

Vragen? Neem contact op

Meer informatie over Vivre? Neem dan gerust contact met ons op. Wij helpen je graag.

Contact

Week tegen Kindermishandeling

23 november 2023

Deze week is het de Week tegen Kindermishandeling. Binnen Vivre zijn twee aandachtsfunctionarissen huiselijke geweld en kindermishandeling werkzaam. Aniek is er een van. Ze werkt sinds 2020 bij Vivre en vervult deze nevenfunctie met veel gedrevenheid. “In de jaren dat ik bij Vivre werk heb ik alle medewerkers geschoold op dit thema. Het is geen makkelijk thema, onze verpleegkundigen komen bij gezinnen thuis en maken dingen mee die ze aan het twijfelen brengen. Mijn functie bestaat dan ook voor het overgrote deel uit het coachen van medewerkers. Dan gaat het over hoe je op een juiste manier het gesprek aangaat in het gezin, hoe je goed observeert en signaleert. Maar ook de wetgeving rondom de meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling komt uitgebreid aan de orde. Zelf krijgen wij als aandachtsfunctionarissen jaarlijks trainingen vanuit het LVAK (landelijke vereniging aandachtsfunctionarissen huiselijk geweld en kindermishandeling). Deze kennis geven wij weer door.”

Hoe ga je als aandachtsfunctionaris kindermishandeling te werk als een medewerker contact legt omdat er zorgen gesignaleerd zijn?

“Als medewerkers zorgen hebben dan nemen ze contact op met de de zorgcoördinator of rechtstreeks met de aandachtsfunctionaris. De zorgcoördinator gaat in contact met de aandachtsfunctionaris als de verpleegkundige dit nog niet zelf gedaan heeft en met elkaar doorlopen we stapsgewijs de signalen via de meldcode kindermishandeling en huiselijk geweld.

Als aandachtsfunctionaris sta ik daar onbevooroordeeld in. We kijken objectief naar de feiten bij de stappen van de meldcode. Voor verpleegkundigen in het gezin is het moeilijker om alleen objectief te zijn, ze hebben een band met het kind en gezin waar gevoel en vertrouwen nauw betrokken zijn. Als verpleegkundige ben je vaak geïntegreerd in het gezin en dat maakt dat het gevoelsmatig erg lastig kan zijn. Daarnaast willen ze hen vertrouwensrelatie niet verbreken.

Verpleegkundigen voelen zich betrokken bij kind en gezin, en voelen zich verantwoordelijk voor hen welzijn. Zij maken zich dan zorgen en vragen zich af ‘wat als ik mijn zorgen deel en de zorg niet meer mag / kan uitvoeren, wie zorgt er dan nog voor hen en heeft er zich op wat er gebeurt?’. In sommige situaties is er ook angst voor een agressieve reactie.

Als aandachtsfunctionaris coachen wij zorgcoördinatoren en verpleegkundigen om open en transparant te communiceren. Daarin moet je leren wat feitelijk is en wat de gevoelens zijn. Je zorgen laagdrempelig bespreken maakt dat de volgende signalen makkelijker besproken kunnen worden omdat het geen nieuwe informatie is voor kind en gezin. Het maakt het voor iedereen open, transparant en makkelijker om de meldcode te kunnen volgen. We coachen ze zo, dat ze zelf het gesprek aan kunnen gaan, we vinden de vertrouwensband die is opgebouwd belangrijk. Als het gesprek gevoerd wordt door de aandachtsfunctionaris, die onbekend is voor het gezin, wordt de lading vergroot en het vertrouwen sneller geschaad In zeer uitzonderlijke gevallen, wanneer bijvoorbeeld veiligheid een probleem vormt of angst om het gesprek te voeren bij de medewerker, dan kan het voorkomen dat wij tijdens het gesprek ondersteunen.

Mijn rol als aandachtsfunctionaris is gericht op luisteren naar de zorgen en doorvragen om helderheid te krijgen over de feiten en te horen welke stappen al ondernomen zijn. Door verdere informatie te verzamelen en in gesprek te gaan met betrokkenen kunnen we gezamenlijk de beslissing maken welke wegen er binnen de meldcode genomen moeten worden. Het doel ligt bij het behouden van eigen regie binnen het gezin waar de veiligheid voor kind en gezin prioriteit heeft. Het gaat dan om veiligheid binnen alle vormen van kindermishandeling.

We moeten niet vergeten dat veel mensen het zwaar hebben in deze tijden in de maatschappij. Gezinnen hebben veel ballen in de lucht te houden en wordt risicovoller wanneer je ook nog de zorg hebt voor een zorgintensief kind. Gezinnen ervaren vaak overbelasting en soms nog in combinatie met financiële zorgen. Dan zien we dat de belasting zo hoog wordt dat er signalen van bijvoorbeeld verwaarlozing ontstaan.

Wij, het gehele zorgteam, denken mee in oplossingen en ontlasting in deze situaties. Ouders wensen deze situatie zelf ook niet en zijn vaak blij met de hulp die geboden kan worden. We kunnen dan in overleg en/of samenwerking met andere zorginstanties of partijen die betrokken zijn.

Je ziet vaak dat ouders tijdens zo’n gesprek en in het traject daarna geen wantrouwen hebben maar juist het vertrouwen krijgen. Dat ze denken: ‘ik word gezien en ik kan geholpen worden’. Dat is ook de boodschap die we overbrengen, dat we kunnen helpen. De kinderen in het gezin worden daar ook bij betrokken, we kijken naar wat zij nodig hebben. Maar nogmaals, hoe je communiceert is daarin heel belangrijk.”

Op welke manier moet je dan communiceren? Wat leer je de verpleegkundigen?

“De eerste keer is altijd het moeilijkst. Je merkt dat de verpleegkundige bij een volgende keer veel sterker in zijn of haar schoenen staat. Dat is een leerproces. Altijd geldt: Hoe transparanter je zelf bent, hoe meer vertrouwen je in elkaar hebt.

Wat we duidelijk maken is dat je een signaal bespreekbaar moet en kan maken. Bepaalde zorgen kunnen te maken hebben met de eigen normen en waarden van de verpleegkundigen. Het is heel erg bepaald wat je ‘normaal’ gedrag vindt en welke verwachting je dus ook hebt van het gedrag van anderen. Dat kan een ingang zijn voor een gesprek. Je kunt uitspreken dat je respect voor de ander hebt maar wel duidelijk maakt wat je moeilijk vindt. Je kunt je daarin kwetsbaar opstellen.

In sommige culturen kom je tegen dat het normaler is om op een bepaalde manier te reageren of op te voeden. We kijken dan heel feitelijk wat binnen de wetgeving van Nederland past.

Aan het einde van de meldcode beslissen we of de zorgen nog steeds bestaan, er extra inzet van hulpverlening nodig is en/of we een zorgmelding doen bij Veilig Thuis. Er zijn vele wegen te bewandelen met als doel het gezin te ondersteunen, ontlasten en zeker de veiligheid te vergroten.

Het komt ook voor dat we alle betrokken zorgverleners van een gezin bij elkaar nemen om casusgericht een team te coachen. Soms zijn situaties complex en wil je dat er eenduidig gecommuniceerd wordt en de neuzen dezelfde kant op staan, dat is een proces.

Door de scholingen die ik zelf krijg over dit onderwerp ben ik inmiddels wel een expert kan ik zeggen. Van elke casus en van elke verpleegkundige leer ik ook weer bij, ik neem dat mee in mijn pakket met ervaringen. Meestal heb je binnen een organisatie een directe en indirecte aandachtsfunctionaris. Bij Vivre hebben we dit gecombineerd. Onder direct verstaan we het coachen van medewerkers, dit is gericht op de cliëntenzorg. Onder indirect vallen de protocollen en het maken van beleid. Wij zijn met zijn tweeën en we bespreken dan ook de moeilijke casussen onderling, je hebt elkaar daarin nodig om te weten: we slaan de juiste weg in.”

Wat is het mooiste aan deze functie?

“Het mooiste aan mijn functie als aandachtsfunctionaris vind ik als er naar elkaar geluisterd kan worden, respect is en we het vertrouwen kunnen borgen. Dat er door onze samenwerking inzicht is gekomen en de juiste wegen in gegaan zijn. Met als uiteindelijke doel de veiligheid voor kind en gezin te vergroten en hen eigen regie te kunnen behouden. Dat is een win-win situatie.”